5 punten van het dubbelspel:
Bedenk dat er geen verschil wordt gemaakt tussen heren- en damesdubbel. In beide gevallen gelden dezelfde basisregels.
Het dubbelspel bij badminton kan het meest boeiende spel van allemaal zijn, indien het goed wordt gespeeld door beide teams. Helaas gebeurt het dikwijls dat het spel wordt geleid door twee spelers die van zichzelf denken dat ze briliant aan het spelen zijn, en hierbij hun krachten zo laten gelden dat de zwakheid van hun partner volledig wordt weggecijferd. Een team heeft sterktes en zwaktes, maar een team is nu eenmaal samengesteld uit twee spelers die op elkaar zijn ingespeeld. Het bestaat niet uit één speler met een ingebeelde handicap. Daarom is het zeer belangrijk dat de slagen en strategieën binnen het team niet over het hoofd mogen worden gezien, en dit op eender welk spelniveau.
Dubbelspel moet worden besproken onder 5 punten:
Laat ons deze vervolgens gaan bekijken.
I. (a) Service
Allereerst moeten we een onderscheid maken tussen een korte service en een "flick"-service. Bij de korte service is het de bedoeling om de shuttle zo laag mogelijk over het net te spelen, waarbij deze zo dicht mogelijk bij de kruising van de serveerlijn en de middellijn van de tegenstander belandt. Bij de "flick"-service daarentegen is het de bedoeling om de tegenstander enigzins te verassen door, met een korte maar krachtige slag afkomstig uit de pols, de shuttle over de tegenstander te slaan, waarbij het de bedoeling is om de shuttle net voor de serveerlijn voor het dubbelspel te laten belanden. Waar men op moet letten bij het serveren is dat men variatie moet voorzien in de service. Op elk moment bij het badminton, en bij elke slag, zou men op zijn minst een alternatieve slag moeten klaarhebben, anders zal de tegenstander steeds op het juiste moment op de juiste plaats zijn. Daarom let erop bij het serveren, voorzie de mogelijkheid om (1) kort te serveren, laag over het net waarbij de shuttle zo dicht mogelijk bij de kruising van de voorste serveerlijn en de middellijn van de tegenstander terechtkomt of (2) "flick" je tegenstander door de shuttle hoog over de tegenstander te spelen naar de achterkant van het terrein. Wanneer deze 2 slagen zo kunnen worden uitgevoerd dat ze sprekend op elkaar gelijken en als ze dan ook nog regelmatig worden afgewisseld, dan maakt men al een goede kans om punten te maken. Wanneer men gaat kijken naar het badminton op een hoger niveau, dan zal men zeer vlug bemerken dat de korte servcie de meest gebruikte is, en de meest efficiënte.
I. (b) Het ontvangen van de service
Wanneer de tegenstander zijn service niet verbergt, wacht dan af en tracht hem in een hinderlaag te lokken. Bedenk steeds, dat je tegenstander niet kan scoren als je zijn service onmiddellijk afmaakt. Echter, als jouw tegenstander zijn service kan verbergen, dan is het jouw taak volbracht. Tracht aandachtig te kijken naar de verborgen service. M eestal zal er wel ergens een klein verschil optreden, dat door een opmerkzaam persoon al vlug zal worden ontdekt. Tracht die persoon te zijn, of vraag een trainer of collega om dit voor jouw te doen. Als je tegenstander ver serveert, smash dan. Serveert hij/zij kort, probeer dan een van de volgende slagen:
-
vlak of naar beneden dicht bij je tegenstander
-
naar de dichtstbijgelegen zijlijn
-
naar de zijlijn die het verst van je verwijdert is
Het is duidelijk, als je tegenstander grote zwakke plekken heeft, dan moet men hiervan gebruik maken. Return nummer één verwacht dat je zeer vlug naar het net gaat. De tweede en derde mogelijkheid, vereisen ook dat je aan het net bent, maar dan iets minder snel. Hoe ver, van het net, je de shuttle raakt hangt af van je opponent z'n aanvallende en verdedigende zones.
II. Aanvals-Zone en Spel
Wanneer een team in de aanval gaat bij het badminton, dan wordt het speelveld in 2 helften verdeeld om alzo de aanvalskracht te vergroten. De beste verdeling is de "voor en achter". Bij deze verdeling, verdedigt een speler ongeveer de helft van het terrein, dat het dichtst bij het net is gelegen, en de andere speler de helft die het dichtst bij de achterlijn is gelegen.
Bedenk hierbij wel dat iedere speler voor een bepaald gedeelte van het terrein verantwoordelijk is met dit soort van opstelling. Dit is een zeer belangrijk begrip voor een goede aanval en voor het team dat deze aanval moet zien af te weren. Laat ons aannemen dat speler A is in de aanval aan het net en speler B aan de achterzijde van het terrein. Speler A en B zouden normaal in het midden van hun zone moeten staan. Althans de zone waarvoor ze op dat moment verantwoordelijk zijn. Als één van beide te ver van dit middenpunt afwijkt, dan verplaatst de andere speler zich onmiddellijk om te voorkomen dat er vrije gaten komen in het terrein. Speler A moet ervoor trachten te zorgen dat de tegenpartij de shuttle omhoog speelt, zodat speler B de kans krijgt om te smashen. Speler A zal smashen als de kans zich voordoet, maar zal meestal net-drops en lage shuttles spelen. In het "voor en achter" systeem, moet de"voorste" speler proberen om de shuttles die niet hoog genoeg zijn voor de achterspeler om te kunnen smashen, om deze te onderscheppen. Dus, wanneer men in de aanval is dient men steeds het racket op hoofdhoogte te houden, en zal men steeds trachten om de shuttle in een neerwaartse beweging te slaan, of op z'n minst vlak teruggespeeld. Indien men onvoorkomelijk de shuttle toch laag dient te nemen, is het aan te raden om een crossdrop te geven. Speler B moet trachten zo weinig mogelijk cross te spelen tenzij er een uitgesproken zwakheid van de tegenstander is op de hoeken aan het net. Bedenk dat de hier beschreven stellingen de absolute basisprincipes zijn bij dit soort van dubbelspel.
III. Verdedigings Zone en Spel
De terreinverdeling voor de verdedigingszone in het badminton is bijna het complete tegengestelde. In deze situatie, verkiest men best een "zij aan zij" opstelling waarbij men de middellijn kan gebruiken als scheidingslijn:
Aangezien men in verdediging is, en men normalerwijze smashes zal mogen verwachten, zal men positie moeten nemen op ongeveer 2/3 tot 3/4 van het net tot de achterste lijn waarbij men de rackets op polshoogte, zo ver mogelijk voor zich uit dient te houden. Wanneer men een opgevangen smash terugbrengt, tracht dit dan te doen door de shuttle te droppen of zo vlak mogelijk terug te spelen. Tracht zo weinig mogelijk omhoog te spelen --dit laat de tegenstander toe nog meer in de aanval te gaan, waardoor jezelf nog meer in de verdediging komt te staan--. In plaats van omhoog te spelen, moet men proberen om onderhandse dropreturns te geven, of vlakke drives. Wanneer men om de een of andere reden, de shuttle toch omhoog dient te spelen, doe dit dan zo hoog mogelijk en tracht de shuttle daarbij zo dicht mogelijk naar de achterlijn, of beter nog in de achterste hoeken, te spelen. Een goede afwisseling van deze alternatieven zal ervoor zorgen dat het aanvallend spel van de tegenstander wordt verstoord, waardoor deze de shuttle hoger zal gaan terugspelen, met als gevolg dat men zelf terug in de aanval kan gaan, en alzo de tegenstander in de verdrukking brengen. Denk eraan dat deze tactiek enkel werkt wanneer men hem uitprobeert: een hoge lob kan zeer doeltreffend zijn wanneer de tegenstanders minder goed kunnen smashen, of wanneer men de shuttle in een fel licht speelt.
IV. Verplaatsing van Aanvallend naar Verdedigend
Het volgend probleem om te overwegen is, hoe een team zich vlot verplaatst van aanvallend naar verdedigend. Hiervoor kunnen we best terugkeren op de discusie over de service en de service-return. Wanneer de service wordt gegeven zullen beide teams zich aanvallend opstellen. Deze opstelling zal duidelijk worden gewijzigd, aangezien beide teams hun tegenstander zullen trachten te dwingen om de shuttle omhoog te spelen.
Situatie #1
Laat ons veronderstellen dat het team dat de service ontvangt, de shuttle laag naar de tegenstrevers backhand speelt. Bedenk hierbij het principe van balance en onbalance, en je zal de situatie als volgt moeten voorstellen:
Aangezien speler B zich naar de backhand heeft verplaatst om de servicereturn op te vangen, wordt speler A gedwongen om naar rechts te bewegen en misschien ook wel terug. Als speler B kiest voor een lob, dan zal speler A zich terug moeten begeven naar een "zij aan zij" opstelling. Geeft speler B daarentegen een netdrop of vlakke drive, dan moet speler A terug zijn/haar originele positie innemen.
Situatie #2
Laat ons veronderstellen dat het ontvangende team een netdrop op de forehand gaaft als return op de service. Pas daarop het principe toe, en het volgende zou dan het resultaat moeten zijn:
Als A een lob geeft, dient hij/zij terug te komen tot een "zij aan zij" opstelling. Als A een lob kan voorkomen, dan dient A terug zijn/haar basisopstelling aan te nemen. Merk hierbij op dat degene die een lob geeft vanuit het voorveld, de keuze heeft welke kant van het terrein hij/zij verkiest, meestal wordt er aangenomen dat de speler zich recht naar achteren begeeft. Denk er ook aan dat het principe van balance en onbalance geen vaste regel is. Vaak gebeurt het dat factoren zoals beoordeling en anticipatie van groter belang zijn, en misschien wel meer doorslaggevend in de goede afloop van een partij.
V. Verplaatsing van Verdedigend naar Aanvallend
Dit principe hier is ongeveer hetzelfde, maar is iets complexer, en vraagt een groter inschattingsvermogen.
Situatie #1
Je staat in verdediging en je tegenstander heeft de kans om te smashen. Tracht deze smash terug te brengen, en wel zo dat de tegenstander niet meer opnieuw kan smashen. Vervolgens is het raadzaam om onmiddellijk je naar voren te bewegen. Snelheid is hierbij van zeer groot belang, aangezien elk tijdsverlies, de tegenstander te kans geeft om een dropreturn te geven, met als bedoeling om jou team terug een lob te laten spelen, waarop zij dan weer kunnen aanvallen met een smash. Bedenk hierbij dat de speler die de netdrop of drive terugspeelt, de voorste positie inneemt.
Situatie #2
Je staat in verdediging, en de tegenstander slaat de shuttle in een vlakke clear welke je terugsmasht of terugspeelt in een drive. Aangezien de uitvoering van deze slag je niet in staat stelt om snel naar voren te bewegen, zal je partner deze positie moeten innemen.
Situatie #3
Identiek aan #2, uitgezonderd dat je tegenstander een drop speelt. Als de voorspeler van de tegenstander het net niet voldoende afschermt, dan zou je een scherpe crossdrop kunnen overwegen. Indien je dit doet, let er dan wel op dat je de shuttle mee volgt aan het net.
Conclusie
Denk eraan dat dubbelspel gelijk staat met teamwerk, en tracht je spel te ontwikkelen om een andere speler aan te vullen. Vele goede dubbelteams zijn geen uitblinkers in hun spel, maar wel in de manier waarop ze samen kunnen werken.. Denk aan de "tien geboden" en je zal een goed team vormen:
-
Serveer kort en laag.
-
Een service-return sla je met de slagen eerder beschreven.
-
Sla de shuttle niet omhoog.
-
Smash alle overhead shuttles.
-
Verkies round-the-head in plaats van backhand.
-
Doe geen cross smashes.
-
In de aanval: Racket omhoog houden.
-
In verdediging: Zorg dat je in de goede positie staat.
-
Onderhandse drops zijn best crossdrops.
-
Overhead drops (slechts uitzonderlijk gebruiken) moeten naar het centrum van het terrein worden gespeeld
Copyright © 2007 BC-Zwevezele vzw All rights Reserved.